Dood, waar is je prikkel?

3602-paardenbloem-taraxacum-2Naast elkaar hangen ze op de koelkast: het geboortekaartje en de rouwkaart. Na drie weken was dit vreugdevolle begin van nieuw leven alweer beëindigd. ‘Op Gods tijd teruggenomen’ aldus het kaartje.

Een van mijn dochters, met eenzelfde bacteriële infectie geboren, leeft God-zij-dank. Het confronteert me, raakt me. Leven is niet vanzelfsprekend. Ik kan me niet voorstellen wat het met me zou doen als een van mijn kinderen zou overlijden. Niet alleen zou ik een kind kwijt raken, ik zou een deel van mezelf verliezen.

George Minne

George Minne

Mijn gedachten gaan uit naar de ouders. Waar halen zij op dit moment troost uit? Waar haal ik troost uit als de dood zich aan me opdringt? Is er een bedoeling? Is alles slechts zinloos en overkomt het ons tot we onze tijd op aarde hebben uitgezeten?

Al die andere vragen die verstopt zitten en zo nu en dan boven komen, poppen ook nu op: is een kind ontvangen uit verkrachting bedoeld? Waarom is de wereld zo onrechtvaardig verdeeld in rijk en arm? Was er geen beter ‘aarde-concept’ te verzinnen bij de schepping? En nog meer van dat soort vragen waarmee ik je (nu) niet zal vermoeien.

Het rouwkaartje verteld me ook nog dat we slechts een bloem zijn in het veld die weldra verwelkt (psalm 103:8). En het is waar. Alles is kortstondig en relatief als je de dood recht in zijn gezicht kijkt. Maar dan denk ik aan Paulus’ woorden ‘Dood, waar is je angel? Hel, waar je overwinning?’ (1Kor.15). De wereld en het leven lijken soms wel relatief, maar is niet zinloos in het licht van het eeuwige Koninkrijk. Sterker nog: ‘Als u iets zaait, moet dat eerst sterven voordat het tot leven kan komen. En wat u zaait heeft nog niet de vorm die het later krijgt; het is nog maar een naakte korrel, een graankorrel misschien of iets anders’. De dood is pas het begin.

Toch, zeker als het een kind betreft, is dit (al dan niet zekere) weten dan voldoende om troost uit te putten? Is het weten (kennis) ook een kennen (persoonlijke ervaring)? Wat is, als het erop aan komt nu mijn troost in leven en dood?¹ Zonder de theoretische antwoorden te vinden en alles te willen begrijpen. Wat komt bij me op, wat leeft er echt diep van binnen in mijn hart wat overeind staat no matter what?

Ik denk meteen aan een voorbeeld van Lewis in zijn boekje over pijn, dood en verdriet: je kunt je leven lang op touw vertrouwen, zoals bij het verpakken van je post, het vastmaken van je fiets bij het vervoeren in de auto. Maar je weet pas echt wat het vertrouwen in dat touw betekent als je er ten leven of dood aan hangt boven een afgrond. Geloven in en vertrouwen op God word pas echt getest in de donkere dagen van het leven.

Ik lees 1 Korintiërs 15 nog eens voor de context van het ‘Dood, waar is je angel?’. Dit wordt me met name duidelijk: de angel van de dood (de zonde) is pas volledig onschadelijk gemaakt als Jezus aan het einde alles aan zich onderworpen heeft. Een samenvatting:

  • er is een volgorde in opstanding en overwinning van de dood (vers 20-26);
  • de laatste vijand die vernietigd wordt is de dood zelf (vers 26);
  • het vergankelijke is niet eeuwig, maar wel nodig; het stoffelijke komt namelijk voor het geestelijke (vers 46);
  • de dood is een poort naar het onsterfelijke, zoals een zaadje dat in de aarde valt en pas dan zal uitgroeien (vers 36);
  • pas wanneer het vergankelijke is bekleed met het onvergankelijke kunnen we zeggen ‘Dood, waar is je overwinning’ (vers 54-55)
  • Jezus geeft door zijn sterven en opstaan de overwinning, dwars door de dood heen (vers 45);
  • als alles aan Jezus onderworpen is, zal hij zichzelf aan God onderwerpen (vers 27-28);
  • God zal over alles en allen regeren (vers 28).

De angel steekt dus nog steeds. De zonde is nog steeds aanwezig. Is daarom dat verlangen soms zo sterk naar de terugkomst van Jezus? Alles in ogenschouw nemend is er een ding dat me opvalt: mijn eigen zwart-wit denken. Het is niet dood of leven, maar door de dood heen het eeuwige leven. Niet het stoffelijke of het geestelijke, maar het stoffelijke voorafgaand aan het geestelijke. Niet nu of later, maar vanaf het begin een proces tot het af is. En eigenlijk is dat wat ik diep van binnen weet, nee, niet weet maar begrijp: in Hem ben ik gewild, gekend en geborgen, wat de omstandigheden ook zullen zijn. In Hem de diepere en enige betekenis van het leven.

09z SPARK OF HOPE


 

1) Het sluit (tot mijn verrassing) eigenlijk wel aan bij het antwoord uit Zondag 1 van de Heidelbergse catechismus (vrij vertaald):

Wat is je troost in leven en sterven? Dat ik met lichaam en ziel, in leven en sterven, niet van mezelf maar van Jezus Christus ben. Want hij heeft mij met Zijn dierbaar bloed volledig betaald en verlost uit de macht van de duivel. Zonder de wil van mijn hemelse Vader kan er geen haar van mijn hoofd vallen, Hij laat alles meewerken ten goede. Door de Heilige Geest krijg ik de zekerheid van het eeuwige leven en maakt Hij mij bereid om van harte voor Hem te leven

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s